Tagarchief: mannen

Eerste keer gratis

BuurmansMatDe buurman met wie ik de overloop deel, heeft een nieuwe deurmat. Een PacMan-mat. Het was het eerste dat ik zag toen ik de voordeur open deed en de dag was onmiddellijk goed.

Op weg naar de winkels passeerde ik dertig ME-ers, in zwart en fluorescerend geel, met schilden, stokken en helmen. Ze gluurden over de brug naar het water, waar een een handvol collega’s aan het oefenen waren met een bootje.

ME_brug

Na het boodschappen doen nam ik de lange route naar huis, omdat ik probeer tienduizend stappen op een dag te zetten.

Daar kwam ik op straat de man tegen die aan de overkant van het pleintje op twee hoog woont. Toen ik nog een hond had, hing hij af en toe uit het raam en riep dingen als: “Bulletje! Wat ben je knap! En je hond ook!” En: “Mag ik een keer je bouvier zijn? Woef! woef!”

Hij is veertig-plus, altijd blij en zelden nuchter, vermoed ik, maar altijd strak in de spieren en zon(nebank)gebrand. En geheel ongevaarlijk. “Ik moest laatst aan je denken!” riep hij heel blij. “Lang niet gezien!” en gaf me een halve knuffel. Alles goed? Ja alles goed. Vond ik niet dat hij er goed uitzag? Ja, dat vond ik. Hij was namelijk vorige week gestopt met roken en dat merkte je toch. Het was wel moeilijk en hij was wat aangekomen, maar hij bleef trainen. Ik beaamde het hele verhaal, want ik ben +7 kilo gestopt dus ik ken het probleem. Ik zit anders straks in het vel, maar we hebben wel allebei een veel mooiere huid. “Wat zijn we knap he,”, zei ik.

Hij lachte, pakte even m’n armen vast, maakte een soort boksbeweging en zei: “Wanneer gaan wij nou eens lekker seksen?” Eh…. “Moet je kijken wat je d’r bij krijgt!” En hij trok zijn T-Shirt omhoog. Verdomd, een sixpack in zonnekleur en een strakke, geschoren borstkas. Ik keek bewonderend. “Eerste keer is gratis!” riep hij en begon te lachen. Ik lachte iets te hard mee, bedankte hem voor het aanbod en vervolgde mijn tienduizend stappen.

“Aantrekkelijk presenteren”

lekkerpresenteren
Lekkere PowerPoint

Ik poog weer wat online dating. En ben er nog steeds heel slecht in, maar dat terzijde. Ik lees een redelijk aantrekkelijk profiel over een man zelf. Zaken met reizen, boeken en dat soort dingen.  Bij wat hij zoekt zie ik dan:  “Ik vind het leuk als ze zich aantrekkelijk weet te presenteren, er leuk uitziet, als ik me trots voel als ik naast haar loop.”

Ehm, pardon, wat? “Ik vind het leuk als ze zich aantrekkelijk weet te presenteren”. Wat betekent dat? Dat zij heur haar in de krul heeft? Haar bumpers leuk oppoetst? Hakjes draagt van het juiste soort? Ik weet mij uiterst aantrekkelijk te presenteren, zeker wanneer ik het vergelijk met hoe verfrommeld ik ‘s morgen uit mijn nest rol.

Maar iets zegt mij dat deze man dat niet bedoelt. Deze man lijkt een accessoire te zoeken in plaats van een metgezel. Ik vind het ook leuk dat een man zich aantrekkelijk weet te presenteren, maar ik moet er niet aan denken dat in het zoekprofiel te vermelden.

* op de knop “uitsluiten” klikt *

 

Versierbaar

wat een kerstbalOp de Zeedijk sta ik buiten te praten met een strak gestyleerde boekschrijver, wanneer een vijftiger zich bij ons voegt. Wit haar, forse buik, donkerblauw zeiljack. Ergens in het gesprek vraagt hij of ik ‘versierbaar’ ben. Leuk woord. “Doet een poging,” zeg ik. Waarop hij de onsterfelijke woorden spreekt: “Wanneer ben jij voor het laatst lekker klaargekomen?” En een ijzige stilte daalt neer op onze vierkante meter.

Ik kijk hem aan, wijs met neergaande hand op mijn keurige outfit, en vraag: “Wat aan mij, maakt dat jij denkt dat je dit soort taal tegen mij kunt uitslaan?” Hij zwijgt. “Dit is toch geen openingszin? En dan die belachelijke implicatie dat jij mij iets zou kunnen geven dat ik zelf of een ander niet kan?” (Mijn vader zei weleens dat ik met vitriool was ingeënt en soms had hij gelijk). “Ik dacht niet na,” stamelt het zeiljack, terwijl hij zichtbaar krimpt. “Nee,” bijt ik terug in hooghartig ABN, “Dat was duidelijk.” En om de verbale moord te vervolmaken, richt ik mij tot de boekschrijver en zeg: “Kijk, dit is nou mijn markt. Hier moet ik het als 44-jarige heterovrouw mee doen.” Boekschrijver trekt zijn gezicht in gepast medelijdende plooi. Ik stel het zeiljack voor om de homobar achter ons binnen te gaan en daar wat tips te vragen aan hoe die heren omgaan met vrouwen. Timide vraagt hij of hij het later nog een keer mag proberen bij me. “Als je ooit weer nuchter bent,” antwoord ik. “En nou hup, naar je boot.”